14-05-06

ZONDAG 14 MEI 2006: het ovenbuur aan de voet van de Marionettenberg

Het onvermoede hoekje van vandaag komt in het midden van een bos te staan. Maar eerder dan naar het bos zelf zul je er naar het bezoekerscentrum van het bos kunnen komen. Daartoe wordt de beschermde historische hoeve Goed te Coucx gerestaureerd en ingericht. Het gewezen landbouwbedrijf aan de voet van de Marionettenberg is voorzien van een tweeledig bakhuis; liefhebbers van oude technieken likkebaarden. Maar vooral het poortgebouw trekt de aandacht.

In 1999 kocht het stadsbestuur voor 10.130.000 frank een brede strook van bijna 6 hectare langs de E17, gelegen tussen het laagste deel van de Marionetten en de Cannaertstraat. Verkoper was Koceram, de vastgoedpoot van dakkenpannenfabrikant Koramic. Onder burgemeester de Bethune had Kortrijk het idee opgevat om het 'landschappelijk waardevolle landbouwgebied' (zo stond het in het Gewestplan) ten zuiden van de autostrade, te ontwikkelen als bos- en natuurgebied. 

Op de aangekochte gronden stond het Goed te Coucx. Voor hetzelfde geld had men de historische hoeve kunnen slopen en de fundamenten stilaan laten bedelven onder bosgrond. Gelukkig heeft het stadsbestuur beslist een herbestemming te zoeken voor de gebouwen. De hoeve wordt ingeschakeld als bezoekerscentrum voor het nog te ontwikkelen bosgebied. Intussen is de hoeve beschermd als bouwkundig erfgoed door Monumenten & Landschappen.

Goed te Coucx

Het Goed te Coucx is een hoeve met een eerbiedwaardige ouderdom. In het Rijksarchief in Kortrijk is een akte te vinden uit 1538 waarin de relatie geregeld werd tussen eigenaar Pieter de Bevere, een landheertje, en pachter Pieter De Poorte. De omgrachte hoeve staat afgebeeld op de kaart van de Kasselrij Kortrijk, van de hand van Lowys de Bersaques in 1641. Die kaart is als wandschilderij te vinden in de Oude Gemeenteraadszaal van het Kortrijkse stadhuis.

In een bewaard gebleven contract uit 1644 wordt de hoeve beschreven als een "behuusde en bewalde hofstede' gelegen aan de noordkant van de straat naar Rollegem, met boomgaard, 'oude mote met wallen' (opgehoogd erf met grachten) en een poortgebouw. Met 'wal' bedoelde men in het West-Vlaams toen al een gracht en niet een aarden ophoping. Wie weet of het huidige poortgebouw niet dateert uit die tijd? De antieke afwerking met natuurstenen hoekstenen is typisch voor het begin van de jaren 1700.

Het opmerkelijke poortgebouw heeft een poortgat voor de karren en het vee en een aparte deur voor de deftige bezoekers. Boven de 'chique' deur is een nis uitgewerkt als kapelletje. Maar precies die kant van de poort is het meest kaduuk. Er hoeft niet veel meer te gebeuren of het bouwsel staat op invallen. Tot een jaar of dertig geleden was de gracht nog compleet rond. Alleen via de poort kon je droogvoets op het erf komen. De achterzijde van de gracht werd toen gedempt om de bouw mogelijk te maken van een grotere koestal en een open loods. Beide uitbreidingen zijn ondertussen weeral verdwenen.

Openvierkantshoeve

Van de 'mote', de ophoging, is niets meer te merken. Maar de aanpalende gronden zijn de voorbije jaren zo drastisch omgewoeld en heraangelegd (o.m. met een hoge aarden dijk ter afscheiding van de E17), dat ze de hogere positie van de hoeve wellicht teniet hebben gedaan. Ook de boomgaard ga je er tevergeefs zoeken.

Het woonhuis staat er wel nog, heel schilderachtig in het wit geverfd met contrasterende luikjes, onder een gezellig hoog dak bekroond met een klokkenstoeltje (waarin jammergenoeg geen klok meer te vinden is). Het huis is nog bewoond en wordt bewaakt door een vinnig keffertje (zelf ondervonden).

De hoeve is van een type dat je veel vindt in onze streek: een openvierkantshoeve. Rond een vierkantig erf staan bekeken vanuit het poortgebouw in uurwerkwijzerszin: een grote schuur met onder hetzelfde dak een paardenstal, een langwerpig gebouw met stallingen voor koeien en klein vee en voederkot, het woonhuis met afgescheiden daarvan een gebouw met varkensstal, atelier en tweedelig bakhuis. Loodrecht op dat laatste gebouw aangebouwd staat een bergplaats en een met hout afgewerkt wagenkot (er staat inderdaad een autowrak in). Die vleugel werd soms ook gebruikt als veulenkot.

Lekker warm

Dat tweeledig bakhuis trok al de aandacht van liefhebbers van oude technieken. In onze streek noemt men zo een gebouwtje een 'ovenbuur'.  Dat het los staat van het woonhuis zal wel zijn redenen van brandvoorkoming hebben gehad. Origineel is hier dat men er de varkens onder hetzelfde dak installeerde: zo hadden zij het 's winters lekker warm. Tot 1946 werd er dagelijks brood gebakken.

In het voorportaal van de eigenlijke ovenruimte werd het deeg klaargemaakt en te rijzen gelegd, profiterend van de warmte van de oven die men intussen aan het opwarmen was. Het bakhuis staat op de lijst 'Red de bakovens!' van het Museum voor Oudere Technieken van Grimbergen. Later werd het overbuur ingericht als fietsenstalling.

Op het erf vind je van het poortgebouw naar het woonhuis een weg bedekt met prachtige geelbruine kasseien. Tussen het woonhuis en de stallen loopt die weg verder de landerijen in. Als je wat verder loopt op de straat waaraan de hoeve ligt, de Marionetten, tref je diezelfde kasseien aan op plaatsen waar het asfalt is verdwenen. Het zou mij niet verbazen als die kasseien nog altijd de straatbedekking zijn van bij de eerste bestrating in 1790.

Groen Lint Zuid

Zoals gezegd, heeft de stad boerderij en omgeving opgekocht voor bos- en natuurontwikkeling, een bevoegdheid dus van sp.a-schepen Philippe De Coene. Het wordt een onderdeel van het Groen Lint Zuid, sinds kort ook Stadsgroen Marionetten genoemd.

Het moet een verbinding van 60 hectare groen worden tussen het bestaande Kennedybos (het resultaat van de eerste 'Plant-een-boomactie in de jaren zestig) en het geplande stadsrandbos aan de Preshoek. Behalve in de prehistorie is Kortrijk altijd heel erg bosarm geweest. De grond was te vruchtbaar. Maar precies in die zone van zware kleigrond waren er lange tijd wèl bossen, zoals het Moraelbos, het Schittenbergbos en het Marionettenbos.

Naar het Stadsgroen Marionetten neem ik je wel eens een andere zondag mee. Nu beperk ik mij tot de merkwaardige hoeve te Coucx. Schepen De Coene en zijn medewerkers hebben het plan opgevat om van die hoeve een uitvalsbasis te maken voor bezoekers van het Stadsgroen Marionetten.

Bezoekerscentrum

In een eerste fase wordt de grote schuur (met paardenstal) heringericht. Het moet een doorzichtige ruimte worden - de loftmode is ook hier doorgedrongen - die als 't nodig is, kan opgedeeld worden. In elk geval moet er een inkomhal komen, een informatie- en verkoopsbalie, mogelijkheden voor tentoonstellingen, vergaderruimte, een leslokaal, een kantoortje, voldoende sanitair, bergruimte, en stalplaatsen voor fietsen en groot materiaal.

Terzelfdertijd met de verbouwing van de grote schuur zal ook het poortgebouw gerestaureerd worden. Als enige toegang tot het erf en dus ook tot het bezoekerscentrum in de schuur, mag die poort er wel een beetje verzorgd uitzien.

De renovatie van Goed te Coucx zal flink wat kosten. Er is een raming van 622.225 euro. Gelukkig kreeg de stad van toenmalig Vlaams toerismeminister Renaat Landuyt, sp.a (12 december 2003) de toezegging van een subsidie van niet minder dan 324.680 euro, zodat de stad ervan af komt met 297.545 euro.

Alvast is een studieopdracht uitgeschreven voor dit niet onaanzienlijke project, een klus waar zowat 46.000 euro mee te verdienen valt. Zes Kortrijkse architecten zijn aangeschreven om een voorontwerp in te dienen. Het gaat om: Xavier Beyens, Piet Goddeeris, Sophie Lecot, Veerle Waegemans, Tom Adins en Maarten Ternier. In spetember kiest het stadsbestuur het beste ontwerp.

Goed te Coucx is te vinden op het adres Marionetten 12 in Kortrijk. Het ligt achter de nieuwe kliniekgebouwen in opbouw (AZ Groeninge) aan de Kennedylaan. De verbossing van de zone achter de kliniek en verderop naar het gehucht Sint-Anna is volop aan de gang.

12:28 Gepost door Marc Lemaitre | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

In 1945 ... na verscheidene bombardementen (Kortrijk-Pottelberg) kwamen we in het klooster in gehucht Sint-Anna terecht en, na de bevrijding, in een klein huisje te velde tussen dit klooster en de hoeve hier uithebeeld. Wij moesten dan naar school "op de Marionetten" en, op weg terug naar huis, vielen regelmatig die boerij binnen waar dan een ouderse juffrouw leefde met haar broer. Die juffrouw (was dat nu Martha?) duwde ons een "stutte mè beutre en wa spek". We moesten haar vertellen wat we geleerd hadden. Wat een verrasing die fotos hier te vinden, na al die jaren. (Ik ben nu al 46 jaar in Canada). Bestaat dat klooster nog? Daar was ook een kapel en een boerderij aan vast - de naam van de boeren was Blauwlomme. Waar zou ik de geschiedenis van dat klooster en het kasteeltje (langs de weg van Sint-Anna tot de baan naar Kortrihjk waar we een autobus konden nemen naar Kortrijk) kunnen vinden? Dank bij voorbaat. en beste groeten uit Canada.

Gepost door: Mady | 01-12-06

De commentaren zijn gesloten.