30-03-08

Een onvermoede erfgoedparel verdwijnt

spant1

De eigenaar van het tankstation in de Stasegemsestraat, de Ieperse firma Heite, heeft van het stadsbestuur een bouwvergunning gekregen om het bestaande gebouw te slopen en te vervangen door iets nieuws. Met alle respect voor de bedrijfsbehoeften van eigenaar en pachter is het doodjammer dat hiermee een stilaan zeldzaam geworden stuk erfgoed in de stijl van Expo58 verdwijnt. Door er hier iets over te publiceren, is dat verlies niet weer geruisloos.

Wat binnen enkele dagen in puin zal veranderen, is niet alleen de stroomlijnarchitectuur maar ook een mooie toepassing van houten glulam-spanten. Met die spanten oogstte de firma De Coene triomfen op de wereldtentoonstelling die 50 jaar geleden de tijden veranderde. Gelukkig staat in Kortrijk op de vroegere De Coene-terreinen nog een paviljoen van eigen constructie. De houtgroep recupereerde het na afloop van Expo58. Dat 'Paviljoen van de Stedenbouw van de Belgische Sectie' is intussen beschermd.

Speklagen

Op de hoek van de Stasegemsestraat (nr. 179a - nr. 179 was het vroegere postje) en de Groeningekaai heeft de Ieperse brandstoffenhandelaar Stations Heite een tankstation. De eigenaar heeft een bouwvergunning aangevraagd en gekregen voor het slopen en volledig herbouwen van het pand. Het stadsbestuur oordeelt te recht dat een dergelijke installatie daar op die secundaire invalsweg op zijn plaats is. Het tankstation beantwoordt aan de noden van de buurt en de passanten.

Het bestaande servicestation wordt compleet afgebroken, met inbegrip van de garage, de winkel en de oude ondergrondse tanks. In de plaats komt er een enkele gecompartimenteerde tank van 50.000 liter en een rij pompen waarmee terzelfdertijd vier wagens kunnen bediend worden. De afgeronde winkel en de gewezen garage worden niet vervangen; de nieuwe constructie zal beperkt blijven tot een grote luifel en een berging.

Het nieuwe zwevende dak zal het hele perceel overspannen op 6,67 m. Het magazijntje, 11 m² groot, wordt 4,05 meter hoog met een plat dak dat aansluit op de kroonlijsthoogte van het vroegere postje. Er wordt gekozen voor een sobere vormgeving, met gevels in grijze zichtbetonsteen afgewisseld met drie 'speklagen' in gele betonsteen. De luifel en de pilaren waarop hij rust, zullen in staal zijn, geschilderd in geel en grijs, de kleuren van de groep Heite.

Noordse den

Op zich is er niets op tegen dat het tankstation een wat frissere look krijgt. Maar hier leidt die ingreep tot het verdwijnen van het zoveelste voorbeeld van een stuk bouwkundig erfgoed in de modernistische stijl van Expo58. En dat, in het jaar waarin die baanbrekende wereldtentoonstelling na een halve eeuw wordt herdacht, ook in Kortrijk. En bovendien een stuk erfgoed waarbij gebruik is gemaakt van een technologie die vanuit onze stad de wereld veroverde na geschitterd te hebben op Expo58: de fameuze spanten van De Coene.

spant2

Het bestaande pand is waardevoller dan de verwaarloosde en afgeleefde toestand laat uitschijnen. Winkel en autowerkplaats hebben een doordachte afgeronde stroomlijnvorm. Hun dak loopt door in een lichtjes opwaarts gericht - dat optimisme van toen! - afdak dat rust op drie elegant geplooide houten spanten. Lange tijd waren die spanten in Noordse rode den te bewonderen in hun geverniste natuurkleur. Enkele jaren geleden werden ze in betonkleur gezet met een rode bies - bah. 

spant 3

De Kunstwerkstede De Coene experimenteerde al in 1938 met spanten bestaande uit gelijmde en zo nodig geplooide planken in rode Noordse den - wel degelijk 'Noords' en niet 'Noors' want afkomstig van noordelijk gelegen streken zoals niet alleen Noorwegen maar ook Canada, Zweden en Finland. In 1954 ontwikkelde de Kortrijkse houtconctructiegroep een nieuw type spanten: de glulam-spanten, gelijmd en gelamelleerd. In een advertentie prees De Coene zijn nieuw product aan met de kwaliteiten: "Laag gewicht, sterkte, satbiliteit, duurzaamheid, grote vrije overspanningen, mooie en soepele architecturale vormgeving, gering onderhoud, lichte fundering". 

Expo58

Expo58 kwam voor De Coene juist op tijd om met die glulam-spanten volop door te breken. Van de 25 constructies in gelijmde en gelamelleerde spanten op de wereldtentoonstelling mocht De Coene er liefst 21 voor zijn rekening nemen. Het spectaculairst was het sierlijke paviljoen van de tentoonstelling 'Het Hout ten dienste van de mens in de verschillende domeinen van het moderne leven', een initiatief van de beroepsfederatie Fabrihout. Het project werd bekroond met een Grote Prijs, de hoogste onderscheiding voor inzendingen op Expo58.

Verscheidene van de 29 paviljoenen waaraan De Coene meewerkte op de wereldtentoonstelling kregen achteraf een nieuw leven. Doordat die spantenbouw eigenlijk een systeem van prefab is, konden die gebouwen redelijk eenvoudig uiteengeschroefd worden. Naar Kortrijk kwam een paviljoen naar metalen meubelfabrikant Mewaf in de Lijnwaadstraat, maar dat is later uitgebrand.  Het 'Paviljoen van de Stedenbouw van de Belgische Sectie', met rechte spanten, recupereerde De Coene zelf. Het werd heropgebouwd op een achterliggend terrein op de Pottelberg in Kortrijk en deed lange tijd dienst als eet- en feestzaal voor het personeel van De Coene. Het paviljoen is intussen beschermd als waardevol bouwkundig erfgoed.

De gegevens over De Coene heb ik opgevist uit het standaardwerk 'Kortrijkse Kunstwerkstede Gebroeders De Coene', in een redactie van Frank Herman en Ruben Mayeur, uitgegeven in 2006 naar aanleiding van de overzichtstentoonstelling Kunstwerkstede De Coene 1888-1977, door Uitgeverij Groeninghe Kortrijk.

expo581

    
 

23:53 Gepost door Marc Lemaitre in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |